Vlaanderen laat 1.600 studenten per jaar starten aan Geneeskunde

Publicatiedatum

Auteur

Hilde Crevits

Deel dit artikel

Volgend academiejaar (2023-‘24) zullen 1.600 studenten kunnen starten aan de opleiding Geneeskunde. Ter vergelijking: in het huidige academiejaar waren dat er 1.276.

De federale planningscommissie had een 55-45-verdeling van de federale quota voor artsen-specialisten en huisartsen naar voor geschoven. Het aantal van 1.600 stemt overeen met het aantal dat Vlaanderen verkregen zou hebben bij een 60-40-verdeling van de geraamde Belgische behoefte aan artsen. Minister Hilde Crevits heeft gevraagd dat Vandenbroucke het federale quotum voor Vlaanderen voor 1 juni 2023 in een koninklijk besluit aanpast aan het nieuwe startquotum.

“Heel blij dat we nu vanuit Vlaanderen straks eindelijk meer studenten toelaten om arts te worden. Dokters kreunen vandaag onder de werkdruk en mensen moeten soms dagen wachten vooraleer ze bij een dokter kunnen langsgaan. Of nog erger: op veel plaatsen is er patiëntenstop. Er slagen veel studenten op de toelatingsproeven en het veld schreeuwt om extra krachten. Het is dus goed dat we hen straks de kans geven.”

Vlaams parlementslid Brecht Warnez.

Het aantal studenten dat mag beginnen aan de opleiding Geneeskunde wordt beperkt, onder meer omdat het aantal afgestudeerde dokters mee de kostprijs van de gezondheidszorg bepaalt en omdat iedere arts in het kader van de kwaliteit een voldoende aantal patiënten dient te behandelen. Jarenlang werden er door de federale overheid quota opgelegd aan de deelstaten, die vervolgens enkel door Vlaanderen gerespecteerd werden. Daarbovenop dreigde er nu een verdere scheeftrekking tussen de Gemeenschappen, ten nadele van Vlaanderen. Tot nu toe kon Vlaanderen immers nog rekenen op 60% van de federale quota voor artsen-specialisten en huisartsen, maar de federale planningscommissie schoof nu een 55-45-verdeling naar voren. Op basis van bevolkingsaantal én gelet op de groeiende zorgnoden heeft Vlaanderen echter dringend meer dokters nodig.

Vlaams minister van Welzijn Hilde Crevits wil daarom volgend academiejaar (2023-’24) 1.600 studenten laten starten aan de opleiding Geneeskunde. Dat heeft ze aan federaal minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke laten weten in een brief. Dit stemt overeen met het aantal dat Vlaanderen bij een 60-40-verdeling van de geraamde Belgische behoefte aan artsen verkregen zou hebben. De Vlaamse ministers vragen dat er rekening gehouden wordt met deze bijsturing en dat de aanpassing van het federaal quotum voor Vlaanderen bevestigd wordt in een Koninklijk Besluit dat gepubliceerd wordt vóór 1 juni, zodat er juridische zekerheid is voor de Vlaamse jongeren die begin juli deelnemen aan het ingangsexamen Geneeskunde. Deze jongeren moeten er op kunnen vertrouwen dat zij na hun basisopleiding arts-specialist of huisarts kunnen worden. Crevits vraagt daarnaast dat Vlaanderen ook in de toekomst kan bijsturen met het oog op het wegwerken van de tekorten aan artsen en tandartsen in Vlaanderen. 

1.600 startende studenten betekent opnieuw een forse verhoging van het startquotum. Ter vergelijking: in 2018 konden 1.126 studenten starten aan de opleiding Geneeskunde, in het huidige academiejaar (2022-2023) is dat al opgetrokken tot 1.276 studenten. Vlaanderen had eerder al voorzien om het startquotum voor volgend academiejaar (2023-2024) op te trekken naar 1.424 studenten en rekent nu op een verdere verhoging naar 1.600.

"Vanuit Vlaanderen willen we een antwoord bieden op de huidige wachtlijsten en voorzien in voldoende geschoolde artsen en tandartsen voor Vlaanderen en Brussel. "Het is belangrijk dat we voldoende kansen geven aan onze Vlaamse studenten om arts te kunnen worden." 

Vlaams minister van Welzijn Hilde Crevits.

 

Nieuws

Vlaanderen op orde, om de toekomst te beschermen van wie werkt en zorgt

De Vlaamse regering stelde een begroting in evenwicht voorgesteld tijdens de Septemberverklaring in het Vlaams Parlement. Dit was allesbehalve een gemakkelijke oefening. Maar voor cd&v is de inzet duidelijk: De rekening doen kloppen om de toekomst van onze kinderen te vrijwaren en te kunnen blijven investeren in gezinnen die werken en in onze ouderen.

De oplopende schulden van vandaag zijn de belastingen van morgen. We willen de volgende generaties niet opzadelen met die rekening. Daarom nemen we onze verantwoordelijkheid en maken we werk van een begroting in evenwicht. Zo houden we de ruimte om in de toekomst te blijven investeren in wat essentieel is. Cd&v heeft hard onderhandeld om de inspanningen zo eerlijk mogelijk te verdelen én onze prioriteiten te beschermen.

Geef leerkrachten opnieuw het respect dat ze verdienen.

De kwaliteit van ons onderwijs moet omhoog. Daarover bestaat geen discussie. Maar wie scholen sterker wil maken, moet hen ook meer vertrouwen geven. Minder regels, minder planlast en meer vrijheid om mensen en middelen in te zetten waar ze echt nodig zijn. We spreken met een algemeen directeur, Koen Schelpe, in Ieper over de staat van ons onderwijs, het lerarentekort en wat hij verwacht van het beleid. “De overheid moet streng zijn, kwaliteitsdoelen zijn absoluut nodig. Maar controleer ons op wat we bereiken, niet op hoeveel we op papier zetten.”

 

"Aan het brutoloon van wie werkt, mag je niet raken"

Interview in Het Laatste Nieuws met voorzitter Sammy Mahdi:

Als we een indexsprong zouden doen, dan alleen voor de werklozen. Door de uitkeringen eenmalig niet te indexeren bespaar je ruim 100 miljoen per jaar. Met een reeks opvallende voorstellen zet CD&V-voorzitter Sammy Mahdi het begrotingsdebat op scherp. Het geld wordt te vaak gezocht bij de werkenden en de gepensioneerden. Nu is het aan de mensen die niet werken. Of die misbruik maken van de fiscale achterpoortjes. Timmie van Diepen - 17/09/2026 - Het Laatste Nieuws