Franky Demon maakt nationaal toegangsverbod mogelijk voor recreatiedomeinen

Publicatiedatum

Auteur

Franky Demon

Deel dit artikel

Kamerlid Franky Demon dient een wetsvoorstel in dat de veiligheid in recreatiedomeinen regelt. Hiermee wordt het mogelijk om een nationaal toegangsverbod voor recreatiedomeinen op te leggen aan relschoppers. Hij spiegelt daarvoor zijn wet aan de voetbalwet die nationale toegangsverboden tot voetbalstadions mogelijk maakt.

Vandaag kan reeds een plaatsverbod opgelegd worden door burgemeesters voor bepaalde delen van hun stad of gemeente en dus ook voor een recreatiedomein op hun grondgebied. Zo’n plaatsverbod kan echter niet leiden tot een nationaal toegangsverbod voor recreatiedomeinen. “Wie dus rel schopt in het ene domein en daar een plaatsverbod krijgt, gaat de dag erna gewoon naar een ander”, weet Demon.

Met zijn nieuw wetsvoorstel voorziet Demon in een veiligheidswet voor recreatiedomeinen. Er wordt een soortgelijk systeem geïnstalleerd als vandaag al geldt voor voetbalstadions. Er wordt dus voorzien in een definitie van wat ‘recreatiedomeinen’ precies zijn en elk domein wordt verplicht om te voorzien in een ‘huishoudelijk reglement’. Demon voorziet in de wet een lijst met gedragingen die gesanctioneerd kunnen worden (zoals verbaal geweld, onrechtmatig betreden van het domein, gooien of schieten met voorwerpen zonder reden of aanzetten tot slagen en verwondingen) mét bijhorende sancties. Er zijn twee sancties mogelijk: geldboetes of toegangsverboden (of een combinatie van beide). Het toegangsverbod wordt met dit voorstel voortaan nationaal opgelegd. Hiervoor wordt ook voorzien in een informatiestroom over het hele grondgebied vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken.

Omdat bij incidenten in recreatiedomeinen vaak minderjarigen betrokken zijn, wordt voorzien in een toepassing van de wet op minderjarigen vanaf 14 jaar.

Franky Demon: “De zomer komt er aan en de afgelopen jaren betekende dat ook telkens nieuws over relschoppers in de recreatiedomeinen. De geldende maatregelen zoals toegangsverboden per recreatiedomein volstonden duidelijk niet en zorgden er enkel voor dat de problematiek zich verplaatste. Om hieraan een einde te maken wordt het voortaan mogelijk een nationaal toegangsverbod op te leggen, zoals dat vandaag ook al kan in voetbalstadions.”

Nieuws

Minder regeldruk voor lokale besturen: wat doen we al?

Lokale besturen staan elke dag klaar voor hun inwoners. Maar te vaak gaat kostbare tijd verloren aan complexe procedures, uitgebreide rapportering en administratieve verplichtingen. Tijd en middelen die beter kunnen worden ingezet voor een sterke dienstverlening.

Vlaanderen op orde, om de toekomst te beschermen van wie werkt en zorgt

De Vlaamse regering stelde een begroting in evenwicht voor tijdens de Septemberverklaring in het Vlaams Parlement. Het was allesbehalve een gemakkelijke oefening. Maar voor cd&v is de inzet duidelijk: De rekening doen kloppen om de toekomst van onze kinderen te vrijwaren en te kunnen blijven investeren in gezinnen die werken en in onze ouderen.

De oplopende schulden van vandaag zijn de belastingen van morgen. We willen de volgende generaties niet opzadelen met die rekening. Daarom nemen we onze verantwoordelijkheid en maken we werk van een begroting in evenwicht. Zo houden we de ruimte om in de toekomst te blijven investeren in wat essentieel is. Cd&v heeft hard onderhandeld om de inspanningen zo eerlijk mogelijk te verdelen én onze prioriteiten te beschermen.

Geef leerkrachten opnieuw het respect dat ze verdienen.

De kwaliteit van ons onderwijs moet omhoog. Daarover bestaat geen discussie. Maar wie scholen sterker wil maken, moet hen ook meer vertrouwen geven. Minder regels, minder planlast en meer vrijheid om mensen en middelen in te zetten waar ze echt nodig zijn. We spreken met een algemeen directeur, Koen Schelpe, in Ieper over de staat van ons onderwijs, het lerarentekort en wat hij verwacht van het beleid. “De overheid moet streng zijn, kwaliteitsdoelen zijn absoluut nodig. Maar controleer ons op wat we bereiken, niet op hoeveel we op papier zetten.”