Op de Europese top van vandaag buigen de staatshoofden en regeringsleiders zich voor het eerst over de centen voor de periode 2021-2027: zo’n 160 miljard euro per jaar, 7 jaar lang. Het wordt een cruciaal debat.

Het opstellen van zo’n meerjarenbegroting is een moment van de waarheid dat niet altijd de meest edele sentimenten losmaakt. In nationalistische en ook in zogenaamde eurorealistische kringen wordt nu al luid geroepen dat Europa dringend minder moet gaan kosten. De Europese Unie wordt meer dan ooit weggezet als een verspilzieke machine die morst met geld en haar prioriteiten ook niet op orde heeft. Het is hoog tijd om dat fake news een halt toe te roepen.

Wat kost Europa ons eigenlijk? De website Politico kwam onlangs met de ‘Cappuccino-index’, waaruit blijkt dat elke Belg dagelijks 1,46 euro bijdraagt aan de Europese begroting, ongeveer de kost van een goedkope koffie dus. Is dat veel of weinig? Alles is relatief. Het runnen van de stad Antwerpen kost elke sinjoor elk jaar gemiddeld 911 euro aan gemeentebelastingen en bijdragen. Dat is 2,50 euro per dag. Daarmee komen we al meer in de buurt van een cappuccino.

Belangrijk is om een en ander in perspectief te plaatsen en te checken wat het ons concreet oplevert. Europa werkt als een groepsaankoop, die maakt dat de rekening voor noodzakelijke uitgaven fors kan worden gedrukt. Door te waken over de goede werking van de interne eenheidsmarkt laat Europa bedrijven toe efficiënter te werken. Als je bovendien alle Europese subsidies aftrekt die in hard cash terugvloeien naar België, van landbouwbeleid tot infrastructuurprojecten, de aanleg van het Antwerpse Park Spoor Noord, Erasmus-uitwisselingsprogramma’s voor studenten, de integratie van laaggeschoolden op de arbeidsmarkt enzovoort, dan kom je uit op een kostprijs van 0,30 euro per dag per Belg. En als je meetelt hoeveel de EU-instellingen opbrengen aan de Belgische staat, dan blijkt België zowaar fors te verdienen aan de EU.

Nieuwe prioriteiten

Europa staat voor nieuwe, zware opdrachten en moet keuzes maken. De Europese Commissie heeft haar huiswerk klaar. Ze stelt een heldere en kordate meerjarenbegroting voor, met op kop een pak nieuwe prioriteiten: veiligheid en grensbewaking, sociale bescherming en digitale transformatie. Voor de verdere uitbouw van een doeltreffende grens- en kustwacht is de komende 7 jaar zeker 20 miljard euro nodig. Voor gezamenlijke defensieprojecten is 10,5 miljard euro nodig. Het aantal Erasmus-studenten verdubbelen kost 30 miljard euro extra over 7 jaar. En wil Europa de wereldleider worden in toekomstgerichte technologie, van batterijen tot artificiële intelligentie en de digitale economie, dan is zeker 70 miljard nodig voor innovatie. De focus ligt terecht op projecten met een echte Europese toegevoegde waarde. Tegelijk wil de Commissie het gat in de begroting opvangen dat ontstaat als de Britten vertrekken (12 tot 13 miljard euro!) met de helft besparingen en de andere helft met nieuwe inkomsten.

Bescherming

Waar moet worden bespaard? Zet het mes in de landbouwsubsidies en de fondsen voor sociale en regionale ontwikkeling, de EU heeft haar prioriteiten niet op een rijtje, roepen de eurosceptici. Maar snijden in de structuurfondsen betekent ook dat België geen EU-geld meer krijgt voor infrastructuur of de bestrijding van de jeugdwerkloosheid. Vlaanderen alleen al zou zo jaarlijks 250 miljoen euro mislopen. Minder geld naar grote landbouwbedrijven, oké, uiteraard. Maar maak de mensen niks wijs. Het is een illusie dat er in het gemeenschappelijk landbouwbeleid nog diep kan worden gesnoeid - een landbouwbeleid dat erin slaagt met amper 30 cent per Europeaan per dag een betrouwbare voedselvoorziening te realiseren en goedkope grondstoffen te leveren aan de arbeidsintensieve en in Vlaanderen belangrijke voedingsindustrie.

Het Europees Parlement vraagt nu dat het budget van de Unie wordt opgetrokken van 1 procent van het Europese bruto binnenlands product (bbp) naar 1,3 procent. Omdat de prijs voor CO2-uitstootrechten zal toenemen, kan dat geld onder andere komen van de groeiende inkomsten van het emissie-handelssysteem (ETS). Europa moet slim besparen, zeker. Het parlement moet de afschaffing van de maandelijkse ‘navette’ naar Straatsburg op de agenda blijven zetten, want dat kan tot 114 miljoen euro per jaar aan besparingen opleveren.

Maar er zijn ook extra inkomsten nodig om de nieuwe, grote opdrachten doeltreffend aan te pakken. De mensen verwachten terecht dat Europa hen beschermt tegen terreur en dat het de grenzen efficiënt bewaakt. De ‘silent majority’ weet dat grensoverschrijdende energie- en digitale verbindingen goede investeringen zijn. Uitleggen dat daarvoor extra middelen nodig zijn, moet kunnen. Nu goed uitleggen dat de eurosceptici manifest ongelijk hebben als ze zeggen dat er minder geld naar Europa moet vloeien, is cruciaal voor de toekomst van dit continent.

Ivo Belet, Europarlementslid CD&V
Wouter Beke, Voorzitter CD&V