De pandemie heeft een halt toegeroepen aan de onafgebroken stijging van het aantal gezinnen dat jaarlijks kraamzorg aanvraagt, zo vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers van Vlaams minister Wouter Beke in antwoord op een parlementaire vraag. Terwijl in 2019 nog 16.349 jonge gezinnen kraamzorg kregen, daalde dit aantal in 2020 tot 14.617, of een vermindering met 10,6%.

 23-08-2021

Kraamzorg is een vorm van gezinshulp die vrouwen en hun gezin na de geboorte van een kindje helpt te wennen aan de nieuwe situatie. De kraamhulp kan een handje toesteken bij de zorg voor de pasgeborene of lichte huishoudelijke taken overnemen. 

Tot 2019 steeg het aantal dossiers kraamzorg in heel Vlaanderen jaar na jaar, van 9.713 dossiers in 2013 tot 16.349 dossiers in 2019. Dat is een stijging met maar liefst 68 procent.

In 2020 liep dit tegenover 2019 terug met 10,6% tot 14.617 dossiers. Het aantal geleverde uren kraamzorg daalde in dezelfde verhouding van 531.730 in 2019 tot 475.136 in 2020, zo vernam Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers, die de gegevens opvroeg.

 

2013

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Dossiers kraamzorg

9.713

11.445

13.630

14.344

15.415

16.349

14.617

Coronacrisis

Deze daling heeft ongetwijfeld te maken met de coronacrisis. Zo werd niet-noodzakelijke hulp uitgesteld als er te weinig personeelsleden waren. Dat kon bijvoorbeeld zijn omwille van afwezigheden door ziekte of bij inzet van personeel in schakelzorgcentra, woonzorgcentra of cohortzorg. In bepaalde gevallen leidde dit ertoe dat minder kraamzorg aangeboden werd. Daarnaast werden er ook aanvragen door cliënten zelf geannuleerd. Enerzijds speelde daar de bekommernis van mensen om het aantal contacten te beperken mee, anderzijds bleek de nood aan extra ondersteuning voor jonge gezinnen minder groot, aangezien de partner door de lockdownmaatregelen thuis was of van thuis uit aan het werk was.

Om deze redenen daalde ook het aandeel kraamzorg in het totaal aantal geleverde uren gezinszorg van 3,24% in 2019 tot 2,88% in 2020.

Regionale verschillen

Met minder dan 1 op 6 doen jonge gezinnen in de provincie Antwerpen nog altijd het minst beroep op kraamzorg. West-Vlaanderen daarentegen is de koploper. Daar kregen vorig jaar 1 op de 3 jonge ouders die een kindje verwelkomden hulp van kraamzorg. Alleen in het Brussels Gewest was er sprake van een stijging.

De regionale verschillen hebben onder meer te maken met het gegeven dat in sommige provincies een aantal (grotere) diensten voor gezinszorg zich, veel sterker dan andere diensten, profileren op kraamzorg. Dat er in de provincie Antwerpen niet zo een grote dienst is die zich daarin specialiseert, vertaalt zich in de cijfers.

geboortes
2020*

dossiers kraamzorg
2020

dossiers kraamzorg t.o.v. geboortes (%) 2020

dossiers kraamzorg
2019

dossiers kraamzorg t.o.v. geboortes (%) 2019

Antwerpen

19.356

3.061

15,8

3.472

17,25

Limburg

7.563

1.488

19,7

1.829

23,22

Oost-Vlaanderen

14.615

3.513

24,0

4.013

27,48

Vlaams-Brabant

11.289

2.191

19,4

2.658

23,62

West-Vlaanderen

10.788

3.573

33,1

3.914

36,11

Brussels Gewest

15.847

663

4,2

374

2,2

Onbekend

 

128

 

89

 

TOTAAL

 

14.617

 

16.349

 

*bron: https://www.opgroeien.be/cijfers-en-publicaties/geboorte/geboortecijfer-provincie en https://statbel.fgov.be/nl/themas/bevolking/structuur-van-de-bevolking#panel-13

Uren kraamzorg per gezin

Wie bevallen is, heeft recht op kraamzorg tot acht weken na de geboorte van het kind. Veel ziekenfondsen betalen een aantal uren kraamzorg terug, vaak is dat dertig uur. Het gemiddeld aantal uren dat gezinnen beroep doen op kraamzorg ligt dan ook jaarlijks rond de dertig uur. In 2020 ging het om gemiddeld 32,51 uur, een quasi identiek cijfer als het jaar voordien.

 

2018

2019

2020

Dossiers kraamzorg

15.415

16.349

14.617

Gemiddeld aantal uur kraamzorg

30,79

32,52

32,51

“Beroep kunnen doen op kraamzorg heeft voor veel jonge ouders een grote meerwaarde. Door een goede afstemming en opvolging van de zorg in de kraamkliniek en thuis geven we moeders en baby’s meer kansen op een goede start. Ook kunnen eventuele postpartumproblemen, zoals een depressie, snel gedetecteerd of van kortbij worden opgevolgd”, aldus Katrien Schryvers, “Dat er een terugval was in het aantal dossiers kraamzorg vorig jaar, is te begrijpen. Het was een uitzonderlijk jaar en soms waren andere zorgen urgenter. Ik hoop dat dit jaar weer meer jonge gezinnen hun weg vinden naar deze ondersteuning. Kraamzorg kan hen echt helpen bij de aanpassing aan de nieuwe situatie.”

“Gezien de grote regionale verschillen, is het toch ook belangrijk erover te waken dat elk gezin dezelfde mogelijkheden aangeboden krijgt,” gaat Schryvers verder, “Ik pleit er dan ook voor dat in alle regio’s wordt ingezet op de bekendmaking van het aanbod aan kraamzorg, in het bijzonder naar de meest kwetsbare gezinnen toe.”