Steeds meer mensen doen beroep op een centrum voor kortverblijf of een dagverzorgingscentrum. In de centra voor kortverblijf lag het aantal geregistreerde bewoners maar liefst 11% hoger. De voornaamste redenen voor een kort verblijf buitenshuis zijn de afwezigheid van de mantelzorger of omdat de mantelzorger het even wat rustiger aan wil doen. “Deze cijfers benadrukken enerzijds hoe waardevol mantelzorgers zijn voor mensen met extra zorgnoden die nog in de eigen woning wonen,” aldus Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers, “anderzijds onderstrepen ze de belangrijkste bestaansredenen voor de voorzieningen die gespecialiseerd zijn in opvang voor een kortere periode.”

Ook wie wat ouder wordt, blijft graag in de vertrouwde omgeving wonen. Wie dan extra zorg nodig heeft, kan beroep doen op thuiszorgdiensten of op de waardevolle inzet van mantelzorgers. Door hun helpende hand of dagelijks bezoekje, zijn veel mensen met zorgnoden al heel hard geholpen en kan een residentiële opname worden uitgesteld. Ook de mantelzorgers hebben echter af en toe nood aan een adempauze. In dat geval kan degene die de zorg ontvangt tijdelijk terecht in een dagverzorgingscentrum of (indien de opvang ook ’s nachts gebeurd) in een centrum voor kortverblijf. Dat van die mogelijkheid vaak gebruik wordt gemaakt, blijkt uit cijfers die Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers opvroeg bij Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen.

Zowel het aantal opnames en het aantal gefactureerde aanwezigheidsdagen als het aantal opgenomen personen in dagverzorgingscentra lag hoger in 2014 dan in 2013. Het aantal gefactureerde aanwezigheidsdagen kende een stijging van 8,5%

 

DVC

2013

2014

2015

2016

Gefactureerde aanwezigheidsdagen

608.815

660.432

688.536

 

Aantal opnames

10.953

11.163

12.059

 

Aantal patiënten

9.855

10.357

11.171

 

 

Ook in de centra voor kortverblijf lag het aantal opnames en het aantal bewoners hoger in 2014 dan in 2013. Het aantal bewoners kende een stijging van maar liefst 10,94%. Waarschijnlijk heeft de toename aan capaciteit (+ 158 woongelegenheden) hier ook mee te maken.

Gebruikers mogen maximaal 60 opeenvolgende dagen en, beschouwd over de periode van één kalenderjaar, in totaal maximaal 90 dagen in hetzelfde centrum opgenomen worden. Afwijkingen op deze maxima zijn mogelijk wanneer dat uitdrukkelijk gemotiveerd wordt door het multidisciplinair team dat de bewoner verzorgt. De gemiddelde verblijfsduur bleef in 2013 en 2014 ongeveer gelijk.

 

CVK

2013

2014

Aantal woongelegenheden*

1603

1761

Aantal opnames

18.973

19.825

Aantal patiënten

16.659

18.481

Gemiddelde verblijfsduur (dagen/jaar)

30

30,67

*die in aanmerking komen voor werkingssubsidies

 

Een bewoner kan verschillende keren per jaar worden opgenomen in een centrum voor kortverblijf en dit omwille van verschillende redenen.  Zo werden in 2014 3.161 opnames geregistreerd omwille van een verminderde belasting voor de mantelzorger en 4.523 omdat de mantelzorger afwezig was. Vaak ook (4.087 opnames) gebeurde een opname in afwachting van een definitieve residentiële opname.

Een centrum voor kortverblijf is ook een oplossing als de patiënt tijdelijk meer verzorging nodig heeft dan normaal, bijvoorbeeld als de patiënt gevallen is of in crisissituaties. In 2014 gebeurden 518 opnames omwille van een crisissituatie, 2.571 opnames gebeurden omwille van verminderde zelfredzaamheid van de patiënt en 3.406 opnames gebeurden omwille van herstel.

De gemiddelde bezettingsgraad van de centra voor kortverblijf kende een lichte stijging, van 86,39% in 2013 tot 87,23% in 2014. In de provincies Oost- en West-Vlaanderen wordt de hoogste bezettingsgraad genoteerd. “West-Vlaanderen is de meest vergrijsde provincie van ons land, Oost-Vlaanderen komt op de tweede plaats,” vertelt Katrien Schryvers, die daarin een verklaring ziet, “Mogelijks wachten ouderen daar ook langer om zich te registreren op een wachtlijs voor een opname in een woonzorgcentrum, waardoor een opname in een centrum voor kortverblijf in deze provincies meer gebruikt wordt in afwachting van een definitieve opname.”

 

 

Gemiddelde bezetting

Antwerpen

85%

Limburg

80%

Oost-Vlaanderen

90%

Vlaams-Brabant

85%

West-Vlaanderen

89%

Totaal

87%

 “Deze cijfers tonen aan dat er zeker nood is aan de formule van het kortverblijf,” aldus Katrien Schryvers, “Mensen kunnen er tijdelijk de zorg genieten die ze nodig hebben, zonder dat een residentiële opname meteen nodig is. Voor veel zorgbehoevenden is dit toch een wereld van verschil.”

    Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.