Goed gekoppeld? Koppels in woonzorgcentra

Het leven in partnerschap draagt in belangrijke mate bij tot geluk. Dat geldt niet alleen voor jong, ook voor oud. Alleen is het voor bejaarde koppels waarvan één partner zwaar zorgbehoevend wordt niet evident om samen te blijven. Onze regelgeving laat immers niet toe dat de niet-zorgbehoevende partner mee intrekt in het woonzorgcentrum. Vlaams volksvertegenwoordiger Sonja Claes legde eerder al een conceptnota neer met voorstellen om hieraan te verhelpen. Na bespreking in het Vlaams Parlement resulteerde die uiteindelijk in een voorstel van decreet. Dat wordt op dinsdag 8 november in de commissie welzijn van het Vlaams Parlement goedgekeurd. Sonja Claes: “Alles is klaar om ervoor te zorgen dat seniorenkoppels samen kunnen blijven, ook wanneer ze zwaar zorgbehoevend worden.”

Door de stijging van de gezonde levensverwachting en de steeds uitgebreidere en adequatere thuiszorg, kunnen ouderen steeds langer als koppel blijven samen leven. Tot één van de partners te zwaar zorgbehoevend wordt. Op dat moment dreigt het hoogbejaarde koppel feitelijk gescheiden te worden. De zorgbehoevende verhuist immers naar een woonzorgcentrum (WZC), terwijl de andere thuis achter blijft. Onze woonzorgcentra mogen immers geen partners opnemen buiten de erkende capaciteit.

Woonzorgcentra die op eigen initiatief toch in de mogelijkheid voorzien om ook de zelfredzame partner op te nemen, krijgen daarvoor geen RIZIV-financiering.

Op zich niet onlogisch, maar het zorgt ervoor dat ons zorgsysteem de gezamenlijke opname van (hoog)bejaarde koppels niet evident, tot vaak zelfs onmogelijk maakt.

Voor sommige koppels is dat een mentale opdoffer. Het vooruitzicht niet meer te kunnen samenleven zorgt er dan voor dat de keuze voor goede zorg wordt uitgesteld.

In die optiek is het volledige en vaak noodgedwongen wegvallen van de mantelzorg door de zelfredzame partner bij (hoog)bejaarde koppels niet verdedigbaar, en schaadt dit het ‘recht op gezinsleven’, iets waaraan CD&V bijzonder hecht.

Het maakte dat Sonja Claes de wettelijke mogelijkheid wilde creëren om een relatief zelfredzame partner van een zorgbehoevende bewoner toch te kunnen opnemen bovenop het erkende aantal woongelegenheden. Hieraan zouden volgende voorwaarden kunnen worden gekoppeld:

-          deze partner betaalt enkel de zogenaamde ‘hotelkost’;

-          deze partner maakt zelf niet op regelmatige basis gebruik van de aanwezige zorgomkadering;

-          deze partner wordt niet meegerekend voor de bepaling van de personeelsomkadering volgens de normering;

-          voor deze partner ontvangt het woonzorgcentrum geen publieke financiering.

Samen met collega-parlementsleden Katrien Schryvers, Cindy Franssen, Karin Brouwers en Griet Coppé, bevroeg Claes al in 2013 alle woonzorgcentra in Vlaanderen omtrent deze specifieke nood. Aan de woonzorgcentra werd de vraag gesteld hoe zij tegenover deze piste stonden en of zij desgevallend hiervan gebruik zouden maken.

239 van de 748 woonzorgcentra in Vlaanderen (of 31.95% van het totaal aantal woonzorgcentra) namen deel aan de bevraging1.

Meer dan de helft van de WZC stonden positief tot zeer positief tegenover de voorgestelde oplossing.

Sonja Claes: “De nood is er. Het draagvlak is er. Minister Vandeurzen is vragende partij. Niets staat een aanpassing van de regelgeving nog in de weg. Voortaan zullen bejaarde koppels ook wanneer één van de partners naar het woonzorgcentrum moet verhuizen samen kunnen blijven wonen.” 

CD&V | Wetstraat 89 | 1040 Brussel