Eindelijk nieuw en evenwichtig statuut voor pleegzorgers op komst.

Vandaag, op dinsdag 14 februari, keurt de Kamercommissie Justitie het nieuwe statuut voor pleegzorgers goed. “De nieuwe regeling houdt het evenwicht tussen het vrijwaren van de rechten van ouders enerzijds en het inbouwen van zekerheid voor pleegouders anderzijds. Dit alles doen we met het belang van het kind in ons achterhoofd.”, zegt CD&V-Kamerlid Sonja Becq, bezieler van het nieuwe statuut.

Dat de waarde van pleegzorg onschatbaar hoog is, staat buiten kuif. Volgens recente cijfers van Pleegzorg Vlaanderen telt Vlaanderen 3.799 pleegouders die zorg opnemen voor 5.238 minderjarige pleegkinderen. De centrale idee achter pleegzorg is het tijdelijke karakter. Dat is meteen ook het grootste verschil met adoptie, waarbij de ouderlijke verantwoordelijkheid meteen wordt overgenomen. Toch is de zorg voor een pleegkind niet altijd even evident. “Dat komt onder andere door een behoorlijk onzeker juridisch statuut dat niet uitblinkt in duidelijkheid.”, legt Becq uit. Ze gaat verder: “Jaarlijks vinden een vijfhonderdtal kinderen geen plekje in een pleeggezin. Niet dat het de enige reden is, maar de onzekerheid van het statuut is zeker en vast één van de oorzaken van dit tekort.”.  Het CD&V-parlementslid werkt al een aantal jaren mee aan de onderhandelingen over het nieuwe statuut en is verheugd dat de laatste horde nu eindelijk wordt genomen.

Becq benadrukt dat het nieuwe statuut een evenwicht nastreeft in de verdeling van de verantwoordelijkheden van ouders en pleegouders, maar tegelijk ook zoekt naar een werkbare oplossing voor alle betrokken partijen. “Het nieuwe statuut vrijwaart de rechten van ouders maar geeft ook meer zekerheid aan de pleegzorgers.”, zegt de CD&V-politica. Het is zo dat de belangrijke beslissingen zoals de keuzes omtrent school, levensbeschouwing en zware medische ingrepen nog steeds genomen worden door de ouders. De dagdagelijkse beslissingen, bijvoorbeeld deelname aan een schoolexcursie, liggen bij de pleegzorgers. Ook dringende beslissingen, bijvoorbeeld een medische ingreep na een ongeval, worden door het pleeggezin genomen. “In de toekomst zullen ouders en pleegzorgers samen afspraken kunnen maken, in samenwerking met de dienst pleegzorg. Overleg leidt nog steeds tot de beste resultaten.”, aldus Becq. Het nieuwe statuut laat ook de mogelijkheid voor pleegzorgers om na een verblijf van één jaar meer bevoegdheden naar hen gedelegeerd te krijgen. “Zij kunnen die vraag aan de rechtbank richten, die ook afspraken omtrent de contactregeling met de ouders vastlegt. Op deze manier worden er noodzakelijke garanties voor de ouders ingebouwd. De band tussen kinderen en hun ouders behouden en versterken is belangrijk met het oog op een terugkeer.”, gaat Becq verder. Tenslotte heeft het nieuwe statuut ook aandacht voor het einde van en het vervolg op het pleegzorgtraject. “Pleegouders bouwen al snel een affectieve band op met de kinderen waarvoor ze zorgen. Daarom vonden we het belangrijk om een omgangsregeling voor pleegzorgers mogelijk te maken, ook na de plaatsing. Het is opnieuw de rechter die oordeelt over dit bezoekrecht met het belang van het kind in het achterhoofd.”, besluit Becq.

CD&V | Wetstraat 89 | 1040 Brussel