De krachtlijnen van de federale begroting

De regering stond voor een loodzware opdracht. De oefening was niet gemakkelijk. De begroting op orde zetten is één zaak, maar het is essentieel dat dit gebeurt op een rechtvaardige manier. Daarop hebben wij van meet af aan gehamerd.

Hervormen voor rechtvaardige fiscaliteit

Eind augustus doken de eerste plannen op rond de hervorming van de vennootschapsbelasting. Een hervorming die we steunen. Het is immers niet rechtvaardig dat een kmo een hoger belastingtarief heeft dan een multinational. Koken kost uiteraard geld. In die plannen zat daarom de piste van een meerwaardebelasting, om het verhaal te financieren. Verder in de onderhandelingen verdween die piste opnieuw uit de plannen van de minister van Financiën. 

Kris Peeters heeft dan voor CD&V een nieuw voorstel op tafel gelegd. Wie vandaag aandelen verkoopt, betaalt vandaag geen belastingen op de meerwaarde daaruit. In bijna alle Europese landen is dat wel het geval. Wat is er immers rechtvaardig aan wanneer mensen tot 50% belastingen betalen op hun loon, en 0% op de inkomsten uit aandelen? Ons voorstel bevat trouwens heel wat vrijstellingen. Een gezin moet al meer dan 250 000 euro aan aandelen hebben om in aanmerking te komen. Pensioensparen en levensverzekeringen tellen ook niet mee. En slechts 8000 van de 385 000 vennootschappen in ons land zouden moeten bijdragen.

Resultaat? Ja. De regering heeft beslist te werken aan een nieuwe fiscale hervorming, met twee doelen. Een hervorming van de vennootschapsbelasting, zodat ondernemingen kunnen groeien en banen creëren, samengaand met de invoering van een belasting op meerwaarden op aandelen die de kleine belegger en kmo’s ontziet. In het kader van rechtvaardige fiscaliteit is de samenhang van die twee dossiers essentieel. Je kan het ene niet aanpakken zonder het andere. Zo blijft CD&V werken aan een rechtvaardig beleid, waarbij iedereen een bijdrage levert.

Nieuwe belastingen, maar enkel op kapitaal of vervuiling

Zoals steeds bevat de begroting ook een aantal nieuwe belastingen. De grootste brok komt uit de verhoging van de roerende voorheffing, van 27% naar 30%. Opnieuw een volgende stap om inkomsten uit kapitaal op een gelijkaardige manier te belasten. De beurstaks wordt verhoogd. Holdings moeten meer belastingen betalen. Werkgevers zullen ook meer moeten betalen voor de tankkaarten die zij ter beschikking stellen aan werkgevers. In ruil wordt er werk gemaakt van de invoering van een mobiliteitsbudget, een strijdpunt van Jef Van den Bergh. Met dit budget kunnen werknemers zelf kiezen of ze gaan voor auto, fiets, openbaar vervoer of een combinatie voor woon-werkverkeer.

Meerwaardebelasting: wat betekent ons voorstel?

Een simulatie:

Per persoon mag je over een periode van 10 jaar 50.000 euro meerwaarde realiseren. Per koppel gaat het dus om 100.000 euro gerealiseerde meerwaarde uit uw aandelen.

De verworven meerwaarde wordt elk jaar met 1/30 verminderd. Na 1 jaar moet je de meerwaarde vermenigvuldigen met 29/30, na 5 jaar met 25/30. Dát belastbaar deel wordt vervolgens belast aan 30%. Na 30 jaar bereik je dus 0/30, en is het belastbaar deel 0 euro geworden. Als het belastingspercentage elk jaar 1/30 zakt, dan mag je zelfs een aandelenportefeuille van 110.000 euro hebben met een rendement van 5,3%, en dan nog wordt je niet belast na 10 jaar (zie tabel onder). Voor een koppel gaat het in dat geval om een aandelenportefeuille van 220.000 euro, waar net geen 100.000 euro “winst” (want 2 X vrijgesteld voor 50.000 euro meerwaarde) uit wordt gehaald. Zelfs dan wordt je nog stééds niet belast.

Wat met de sociale zekerheid?

De grootste besparing gebeurt in de gezondheidszorg. Toch is er maar één maatregel die de patiënt rechtstreeks raakt: antibiotica worden wat duurder. Vergeleken met de rest van Europa slikken we nog altijd te veel antibiotica. Op deze manier proberen we onnodig gebruik te vermijden. Daarnaast worden artsen verplicht om vaker het goedkoopste middel voor te schrijven, en zullen hun lonen slechts voor 2/3de geïndexeerd worden. Sinds 2014 steeg het leefloon met 6%. De laagste uitkeringen blijven de volgende jaren stijgen. Iets minder snel, maar ze gaan nog altijd omhoog (via de welvaartsenveloppe).De komende twee jaar trekken we hiervoor een half miljard uit.

Belangrijke hervormingen op vlak van werk

Grote dossiers van minister van Werk Kris Peeters werden ook goedgekeurd. Zo komt er een aanpassing van de zogenaamde Wet van 96. Deze wet regelt de evolutie van de lonen in ons land. Als die sterker stijgen dan in de buurlanden, riskeren we jobs te verliezen. Om die reden hebben we zowel in de regering-Di Rupo als in de regering-Michel de loonkostenhandicap weggewerkt. De aanpassing van de wet is nodig om een nieuwe ontsporing te vermijden. Ook de voorstellen rond werkbaar en wendbaar werk, waarover we al vaker berichtten in Ampersand, zijn goedgekeurd. Die moeten een antwoord bieden op de vraag hoe we onze economie competitiever kunnen maken, de jobs van de mensen werkbaar en de arbeidsmarkt wendbaar. Kris Peeters wil mensen zo de mogelijkheid geven hun werk vlotter met hun privéleven te combineren.

Wat staat er niet in?

De voorbije weken werden door partijen verscheidene voorstellen de wereld ingestuurd. De beperking van de werkloosheid in de tijd. Een indexsprong of een aanpassing van de indexkorf. Een middelentoets voor wie een uitkering ontvangt. Het verlagen van de werkloosheidsuitkeringen. Een btw-verhoging. Allemaal zaken die uiteindelijk niet in het begrotingsakkoord staan. Omdat CD&V de voet voor de deur heeft gezet.

En Arco?

De premier kondigde aan dat de afspraken uit het regeerakkoord zullen worden uitgevoerd, waarbij een schadeloosstelling volgt voor de Arcospaarder, met een uitwerking in 2017. Hiermee zal er eindelijk een antwoord komen op de vraag die bij velen onder u leeft.

CD&V | Wetstraat 89 | 1040 Brussel