Actua

vrijdag 29 oktober 2010
 - 

PPS in Sociale bouw mislukt

De Privaat-publieke samenwerking (PPS) voor het realiseren van sociale woningen dat in 2001  werd  gelanceerd, is uitgedraaid op een flinke ontgoocheling. Dat blijkt uit de cijfers  van  Minister van Wonen Freya Van den Bossche. In antwoord op een vraag van Veerle Heeren  kondigde de minister aan dat deze PPS stopgezet wordt. Veerle Heeren vraagt de private sector evenwel om volop  mee  te blijven investeren in  de betaalbaarheid van het wonen. Het huidige Grond- en pandenbeleid biedt immers veel voordelen.
De in 2001 met veel enthousiasme  op  gang  gebrachte   PPS-formule (het zogenaamde PPS-Garantiefonds) voor het realiseren van bijkomende sociale woningen is uitgedraaid op een flinke ontgoocheling.  Dat blijkt  na een vraag van Veerle Heeren vandaag aan minister Freya Van den Bossche.

Oorspronkelijk was  het  de bedoeling  om  1000  sociale huurwoningen te bouwen . Dat zou 25 miljoen euro kosten.   Vandaag blijkt   dat   er   maar  208 sociale huurwoningen  kunnen gebouwd worden voor 27 miljoen euro.
Conclusie van het hele verhaal is dat de PPS in de sociale woningbouw  véél te duur was, de woningen niet goedkoper zijn (integendeel),  er niet sneller gebouwd kon worden dan in klassieke sociale woningbouw,  het initiatief niet voor herhaling vatbaar is ,  en bovendien nefast voor de Vlaamse schatkist.

Minister Van den Bossche liet  vanmorgen in de Commissie Wonen van het Vlaams Parlement weten  geen vervolg te willen geven aan dit  mislukte PPS-verhaal.

Veerle Heeren roept de private sector evenwel op om zich volop  te blijven in te schakelen in de doelstellingen van het huidige grond- en pandenbeleid ,  en al  zijn  expertise aan te wenden om – in samenwerking met sociale huisvestingsmaatschappijen – bijkomende sociale woningen te realiseren. 

De inbreng van de private sector is immers essentieel om de doelstellingen uit het grond- en pandendecreet te halen.  
 
De private sector kan investeren in sociale woningbouw en daarbij  voor de sociale koopwoningen genieten van een gunstig BTW-regime (6%),verlaagde registratierechten bij de aankoop van gronden  en  een beroep doen op infrastructuursubsidies. Bovendien   krijgt  de sector de garantie dat de gebouwde sociale huurwoningen worden overgenomen door de  sociale bouwmaatschappijen of de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen.   
Op die manier slagen private en publieke sector er SAMEN in om  tegen 2020 37.000 sociale huurwoningen te gaan bouwen voor 7 miljard euro  en daarnaast ook nog eens 21.000 sociale koopwoningen.