Sereniteit is absoluut nodig voor welslagen onderzoekscommissie
zaterdag 7 februari 2009
In de krant De Standaard lezen we vandaag een interview met Bart Tommelein, voorzitter van de parlementaire onderzoekscommissie die de gebeurtenissen in het Fortisdossier onderzoekt. CD&V neemt met verbazing kennis van een wel erg voorbarige uitspraak in dat interview: Er zijn duidelijke aanwijzingen dat er benvloeding is geweest. Die discussie moeten we eigenlijk niet voeren. De vraag is welke macht of welk systeem er verantwoordelijk voor is.
Het is vreemd en ongepast dat de voorzitter van de commissie al bij voorbaat tot de conclusie komt dat er benvloeding is geweest en dat enkel nog de verantwoordelijke moet worden gezocht. Dat staat haaks op de doelstelling van de commissie. De vraag of er benvloeding is geweest, is juist cruciaal.
CD&V vraagt uitleg aan de heer Tommelein. Is dit inderdaad zijn uitgangspunt, of werd hij fout begrepen? Duidelijkheid is absoluut nodig om het correct functioneren van de commissie mogelijk te maken.
Voor de sereniteit en de geloofwaardigheid van de commissie is het overigens belangrijk dat de voorzitter zich in het algemeen terughoudend opstelt en geen persoonlijke en voorbarige verklaringen aflegt in de media.
Voor CD&V blijft het doel van de commissie het achterhalen van de volledige waarheid, ook aan de kant van de magistratuur. Alleen dan kan de onderzoekscommissie haar opdracht op een geloofwaardige manier vervullen.




