Onderwijs
Ook zonder opleidingscheques kennen ‘hobbyopleidingen’ succes
Op 1 augustus 2010 werd het systeem van de opleidingscheques sterker arbeidsmarktgericht gemaakt. Daardoor kunnen opleidingscheques veel minder gebruikt worden voor opleidingen in voeding en horeca, en helemaal niet voor opleidingen muziek en beeldende kunst.
Op aangeven van Vlaams volksvertegenwoordiger Jan Laurys verschenen de resultaten van de heroriënteringsoperatie op 16 januari in de pers. Daaruit bleek dat het aantal Vlamingen die de eerste 10 maanden van 2011 opleidingscheques ontvingen, met maar liefst 20% daalde.
Jaarlijkse besparing 8 miljoen euro, zonder spieren te raken
De minister van Werk beantwoordde de vraag van Jan Laurys naar de impact van die maatregel op de cursussen waar niet langer opleidingscheques voor kunnen worden gebruikt.
Daaruit blijkt dat de zogenaamde 'hobbyopleidingen', het voorbije jaar toch een stijging kenden, met ruim 150.000 gevolgde uren (+ 3,5%) of 1.696 cursisten.
Vlaams volksvertegenwoordiger Jan Laurys: 'Deze cijfers tonen aan dat de hervorming van de opleidingscheques een positieve hervorming is geweest. Ze betekent voor Vlaanderen een besparing van zo'n 8 miljoen euro. In 2 jaar tijd is dat bijna een halvering van het totale budget. Een mooi voorbeeld van een besparing die in het vet snijdt, maar de spieren spaart.'
|
BUDGET OPLEIDINGSCHEQUES |
||
|
2009 |
16,5 miljoen € |
- |
|
2010 |
11,5 miljoen € |
- 5 miljoen € |
|
2011 |
8,5 miljoen € |
- 3 miljoen € |
|
Totale besparing |
-8 miljoen € |
|
Ondervertegenwoordiging laaggeschoolden en ouderen niet aangepakt
Jan Laurys hoorde verder van de minister dat er in het nieuwe loopbaanakkoord geen nieuwe bijsturing van de opleidingcheques is opgenomen. De ondervertegenwoordiging van laaggeschoolden en 40-plussers blijft nochtans een werkpunt. (zie cijfers onderaan)
Jan Laurys: 'Net die werknemers die extra versterking nodig hebben, laaggeschoolden en 40-plussers, maken minder gebruik van opleidingscheques. Hier moeten we in de toekomst absoluut op inzetten'.
|
scholing |
(n) |
(%) |
% werkende bevolking |
|
|
Laaggeschoold |
17.793 |
13,65% |
20.7% |
|
|
Middengeschoold |
46.799 |
35,89% |
42.1% |
|
|
Hooggeschoold |
65.794 |
50,46% |
37.2% |
|
|
2010 |
130.386 |
100,00% |
100.0% |
|
|
Laaggeschoold |
13.232 |
13,34% |
||
|
Middengeschoold |
38.152 |
38,45% |
||
|
Hooggeschoold |
47.836 |
48,21% |
||
|
2011 |
Tem oktober |
99.220 |
100,00% |
Bron VDAB
|
LEEFTIJD |
(n) |
(%) |
% werkende bevolking |
|
|
-20 |
1.213 |
0,93% |
0.9% |
|
|
20 -29 |
41.243 |
31,63% |
19.1% |
|
|
30 -39 |
35.532 |
27,25% |
26.2% |
|
|
40 -49 |
31.124 |
23,87% |
30.0% |
|
|
50+ |
21.274 |
16,32% |
23.7% |
|
|
2010 |
130.386 |
100.0% |
||
|
-20 |
546 |
0,55% |
||
|
20 -29 |
30.540 |
30,78% |
||
|
30 -39 |
27.249 |
27,46% |
||
|
40 -49 |
23.863 |
24,05% |
||
|
50+ |
17.022 |
17,16% |
||
|
2011 |
Tem oktober |
99.220 |
Bron VDAB
